?

Log in

Grootse roman van Martijn Knol

« previous entry | next entry »
Mar. 15th, 2012 | 03:08 pm

Martijn Knol heeft een bij vlagen briljant boek geschreven dat tot nu toe ten onrechte vrijwel onopgemerkt is gebleven en dat ik graag onder de aandacht zou willen brengen van literatuurliefhebbers.

'Alles kan kapot' bestrijkt de lotgevallen van drie generaties familieleden. Als lezer ga je met de personages steeds verder terug in de tijd en ben je er getuige van hoe zij door hun ervaringen worden gevormd en beschadigd. Het boek eindigt in 1945 met het voornemen van Ambrosius om helemaal opnieuw te beginnen. Hij besluit te zwijgen over het geweld dat hij tijdens de Tweede Wereldoorlog als jonge fabrieksarbeider in Zuid-Duitsland heeft gezien en ondervonden. Als lezer weet je inmiddels dat deze zelfde man zijn dochter Merel, die dan nog geboren moet worden, later - door incest - zal gaan beschadigen en ook tot een eenzaam zwijgen zal veroordelen. En dáárvoor, aan het begin van het verhaal, dat opent  in 2011, hebben we kunnen lezen hoe Merels ervaringen haar kinderen hebben beïnvloed: de gevoelige Jonathan, die zich geen raad weet met zijn moeders pijn, en de stoere Serafijn, die in het scheppen van kunst een vorm vindt om zich te uiten.

Serafijn is één van de belangrijkste personages in het boek. Haar grote liefde is de sensuele Kat, die in gewelddadige opwellingen niet alleen Serafijn fysiek te lijf gaat, maar ook haar kunstwerken vernielt. Serafijn laat zich niet snel uit het veld slaan door de destructieve buien van haar geliefde; zij verstaat de kunst uit alle brokstukken weer iets nieuws te creëren. De kunstwerken van Serafijn bieden stof tot prachtige en soms ook humoristische bespiegelingen over kunst; zo last de auteur ronkende ‘citaten’ in van geborneerde kunstcritici die haar allerlei intenties toeschrijven, die de kunstenaar er zelf nooit mee heeft gehad.

Martijn Knol is een taalvirtuoos met onbegrensde verbeeldingskracht, die als geen ander de kunst van het kijken verstaat. Zijn ongebreidelde nieuwsgierigheid en scherpe observatievermogen staan borg voor een beeldende en zintuiglijke manier van vertellen. Zo weet hij de val van een ladder, die in werkelijkheid hooguit enkele seconden in beslag kan nemen, uit te spinnen tot een bloedstollend spannende passage die de lezer pagina’s lang in de ban houdt, en die uitmondt in een onwaarschijnlijke, maar toch volledig geloofwaardige dramatische ontknoping.

Een goede schrijver kan het meest onwaarschijnlijke, ja zelfs het onmogelijke mogelijk maken, zo illustreert Martijn Knol in passages waarin het heel aannemelijk is dat mensen kunnen vliegen of over water lopen, ja zelfs doodgaan en dan toch gewoon weer opduiken, niet in de fantasie en niet als geest, maar domweg als uit de dood teruggekeerd personage dat   op onnadrukkelijke wijze opnieuw een plaats opeist in het verhaal. Met dit soort ingrepen  ontregelt hij de lezer, die zich erbij moet neerleggen dat niet alles met het verstand te duiden is, maar zich tegelijkertijd realiseert waarom literatuur zoveel boeiender is dan de werkelijke wereld: omdat alles kan. 

Link | Leave a comment | Share

Comments {0}