?

Log in

Tortured by the bell

« previous entry | next entry »
Mar. 16th, 2012 | 11:06 am

Saved by the bell, kent u die uitdrukking? Nou ik niet. Onze deurbel dreigt mijn ondergang te worden.
Soms weigert hij dienst en dwingt hij bezoekers op het raam te bonken - iets wat ik alleen hoor als ik op dat moment toevallig in de buurt ben. Het maakt geen al te gastvrije indruk, maar daar valt nog wel mee te leven. Onaangenamer is dat de deurbel ook graag spontaan in luidruchtig geschal losbrandt, zonder dat er mensenvingers aan te pas komen. Hadden we zo'n lieflijke klingelbel, dan hoefde dat ook geen onoverkomelijk probleem te zijn. Maar onze bel is vermoedelijk speciaal ontworpen voor doven en slechthorenden: hij klinkt opdringerig door tot in de verste uithoeken van het huis. Het is net een klein kind dat om aandacht schreeuwt. De enige manier om hem tot zwijgen te brengen is hem even persoonlijk aan te raken. Soms houdt hij zich wel een week lang koest, maar het komt ook voor dat hij me meermalen per dag naar de voordeur laat rennen om gestrest een eind te maken aan het oorverdovende gekrijs.
De bel vindt mijn vertoon van toewijding blijkbaar nog niet overtuigend genoeg en is sinds kort overgegaan op zwaarder geschut. Ook 's nachts moet ik nu voor hem klaarstaan. De eerste nacht stond ik bij het horen van het bekende geluid meteen klaarwakker naast mijn bed en vloog de trap af. De voordeur zat op het nachtslot, dus het duurde even voor ik hem open had en intussen  waren mijn trommelvliezen al half aan flarden. Vlak voor ik de deur opende hield de bel er uit eigen beweging mee op. En dat nu wekte mijn argwaan. Dergelijk pesterig raffinement was ik van mijn bel niet gewend. Hier moest meer aan de hand zijn. Ik deed een stap naar buiten om te zien of het gebel misschien toch door mensenhanden in gang was gezet. Maar ik zag niemand en keerde weer terug naar bed, klaarwakker en met ijskoude voeten, niet meer in staat de slaap te vatten. Complottheoriëen spookten door mijn hoofd: misschien waren het inbrekers geweest, die hadden aangebeld om te kijken of we thuis waren en zich snel uit de voeten hadden gemaakt toen zij mij in de weer hoorden met het nachtslot. De volgende ochtend moest mijn man, die overal doorheen had geslapen, smakelijk lachen om mijn verhaal. Ik zag er, slechtgehumeurd door het slaapgebrek, de lol niet van in. 'Zit niet zo dom te lachen en vervang die stomme bel nu eindelijk eens een keer,' beet ik hem toe, maar hij haalde zijn schouders op, want hij had nergens last van.
Vanacht was het weer zover. Ik schrok wakker, terwijl mijn man opnieuw stoïcijns door het geluid bleef heen slapen. Ik stootte hem ruw wakker: 'De bel gaat weer af. Nu mag jij hem uitzetten.' Het enige wat hij kon uitbrengen was een slaperig: 'huh? huh?', als een hummende tweede stem die het dwingende gekrijs van de bel ondersteunde. waarna hij het dekbed over zijn hoofd trok om weer vrolijk verder te slapen. Van hem hoefde ik weer niets te verwachten. Dus rende ik maar weer mijn bed uit, net als vroeger toen de kinderen nog klein waren en ' s nachts ook spontaan afgingen zonder dat mijn man het ooit hoorde. Weer hield de bel er plagerig mee op vlak voor ik hem zelf kon uitzetten.
Terug in bed was ik zo woedend dat ik mijn man woest door elkaar schudde totdat ook hij goed wakker was. 'Lachen!' beval ik hem sissend. 'Je vindt het toch zo grappig. Nou lach dan! Lach dan!' Hij lachte slaperig, om zo snel mogelijk van me af te zijn, of  misschien wel omdat hij vond dat ik me belachelijk gedroeg. Zo worden mijn huwelijk en mijn nachtrust steeds verder ondermijnd. Ik zou eigenlijk een nieuwe bel moeten kopen, maar daarvoor ben ik veel te moe.

Link | Leave a comment | Share

Comments {0}